Voor Hans een sprookje
Er was er eens
Er was er eens man en die had al heel lang een mooie koffiekar met een parasolletje, een stoeltje en vooral goede koffie (en ook thee). Met z'n koffiekar reed hij rond, vaak bepaalde hij zelf waar hij naartoe ging maar het kon net zo goed zijn dat hij naar iemand toe ging die hem gebeld of gemaild had omdat hij zin in koffie had. De mensen waren altijd blij om hem te zien niet vanwege de flauwe klets, maar juist omdat ze eens rustig konden praten over dingen die ze belangrijk vonden. Hij luisterde leunend op de toonbank, bromde zo af en toe, draaide aan zijn snor en gaf soms in een zin wijze raad en daar liet hij het meestal bij.
Maar hijzelf twijfelde wel eens aan wat hij zelf aan het doen was. Wat was nou het nut van zo'n koffiekarretje en het gepraat, wat vonden de mensen er nu eigenlijk van? Toch vertelden mensen hem regelmatig dat zijn koffie lekker was, het gepraat goed was en dat ze weer opgekikkerd verder gingen met hun leven. En met een gemeend 'tot de volgende keer' namen ze afscheid. Dus eigenlijk was er geen reden voor twijfel maar toch…
Als er geen koffiedrinkers waren, dan pakte hij een stoeltje, ging zitten, pakte een boek of een cd en onder het genot van een lekker drankje dat hij onder de toonbank had staan, verdiepte hij zich in van alles en nog wat. Allerlei informatie die zijn hersens vermaalden zoals het machientje met de koffiebonen deed.
Als zijn karretje opgeladen moest worden dan ging ie graag naar één oplaadstation, een vriend die heel lang geleden tegen hem gezegd had 'jouw koffie is niet meer zo lekker'! Daar was hij toen van geschrokken, want slechte koffie betekent geen koffiedrinkers, geen mensen om mee te praten en uiteindelijk had hij dan zijn geliefde koffiekarretje moeten verkopen. Gelukkig is dat, door die vriend, niet gebeurd maar vanaf die tijd hield hij de kwaliteit van z'n koffie stukken beter in de gaten. Zo bleef hij met zijn koffiekarretje rondtrekken en bleef het voor veel mensen een bijzondere plek. En hoewel hij nog weleens twijfelde leefde hij en zijn koffiekarretje nog lang en gelukkig.
PS Die mij maar een limoncello van onder de toonbank