Het insectenhotel- Kermis
Verhaal 308 Het insectenhotel
Oma gaat een dagje met een vriendin op stap. Mooie gelegenheid om Oma's tuintje op te ruimen maar vooral nieuwe plantjes in de trieste plantenbakken te zetten. Opa heeft nog een extra verrassing klaar.
Het insectenhotel
Opa zegt buiten op het pad, Mijnheer Jack
Als Oma zo meteen met haar vriendin vertrekt
Dan gaan wij, met zijn allen, Oma's tuin aanpakken
We beginnen met deze trieste plantenbakken
Opa, antwoordt Heer Jack, ik zie wat u bedoelt
Alle plantjes zijn door de kou heel snel uitgebloeid
Gelukkig komt de lente er weer aan
Dan horen er ook bloeiende plantjes in de bakken te staan
Maar, jongen niets tegen Oma zeggen hoor
Want dan gaat hun uitje zeker te weten niet door
Nee, belooft Heer Jack we hebben geen pottenkijkers nodig
Dus Oma's hulp is vandaag echt overbodig
Ik heb, legt Opa uit, ook nog een verrassing bedacht
Iets waar Oma eigenlijk al maanden op wacht
Maar waar ze al een tijdje niet meer aan heeft gedacht
Dus helemaal niets zeggen, fluistert Opa zacht
Daaaaaag, zwaaien ze naar de auto, heb een fijne tijd
Hèhè, zucht Heer Krekel, die twee zijn we een tijdje kwijt
Oma roept nog, de koekjes staan in de trommel in de kast
Oma, belooft Heer Krekel, ik zweer dat ik daar goed op pas
Ze lopen allemaal luid in de tuin te zingen
Over bloemetjes en bijtjes en andere mooie dingen
Eindelijk lente roept Beste Buur over de muur
En ze gooit een afgezaagde dooie tak op haar lentevuur
De plantenbakken zijn snel in orde gemaakt
Het wordt tijd dat Opa zijn verrassing uit het schuurtje haalt
Dit, zegt Opa apetrots, is Oma's insectenhotel
Oma heeft dit al een jaar geleden bij mij besteld
Opa, grapt Broertje Tim heeft ieder insect een eigen bed
Hebben ze in het hotel een eigen douche en een toilet
Wordt er 's morgens een ontbijtje voor hen klaargezet
Is er ook een portier die overal op let
Zijn er ook regels, vraagt Heer Krekel, zoals in een echt hotel
Wat een insectengast wel of niet mag u kent dat wel
Zoals voor je weggaat eerst je kamer boenen
En na zonsondergang mag niemand meer hard zoemen
Want Opa, fantaseert Heer Jack door hard gezoem
Kunnen de andere gasten de hele nacht geen oogje dichtdoen
De bijen, bedenkt Vrouwe Meisje, mogen niet te hard vliegen in de gang
Dan worden de lieveheersbeestjes niet bang
Terwijl Het Klein Gespuis nog meer regels heeft verzonnen
Is Opa alvast met het vastzetten van het hotel begonnen
Het staat op een oude boomstronk te prijken
Zo zegt Opa tevreden, Oma zal straks haar oogjes uit blijven kijken
Opa, waarschuwt Vrouwe Meisje, Oma's auto komt eraan
Snel, zegt Heer Jack, we gaan hier met z'n allen op een rijtje staan
Dan ziet Oma niet meteen wat wij in de tuin hebben gedaan
En voorspelt hij, zeker te weten dan komt er een traan
Kijk Oma, zegt trotse Broertje Tim de bloembakken zijn klaar
En, wijst Heer Jack, Opa's verrassing die staat daar
Allemachtig wat prachtig, zegt Oma ik had het kunnen weten
Dat Opa mijn wens echt niet zou vergeten
Opa, zegt Heer Jack er is nu al geen kamertje meer vrij
Maar er staat bij het hotel nog wel een lange rij
Dat is, pruttelt hij een beetje, toch niet zoals het hoort
Opa heeft meteen twintig nieuwe kamertjes geboord
Kijk daar Heer Krekel, zegt een glunderende Mijnheer Jack
Vindt u dat ook niet een fantastisch mooie plek
Voor Oma's insectenhotel nummer twee
Zeker, zegt Heer Krekel, maar nu eerst een koekje en een kopje thee
Buiten fluistert Opa zachtjes iets in ieders oor
Smiespel smiespel begonnen smiespel smiespel hoor
Opa roepen ze in koor
Wij beloven u dit vertellen wij niet aan Oma door
En natuurlijk doet Oma zoals het bij geheimen hoort
Net alsof ze niets van Opa's plannetje heeft gehoord

Verhaal 309 Kermis
Het is kermis in het dorp, dat zou voor iedereen een feest moeten zijn. Niet voor Omaoma ( de moeder van Oma)want die kan niet tegen harde muziek en fel knipperende lichten en is dus maar één keer op de kermis geweest.
Kermis
Omaoma bent u nog nooit op de kermis geweest
Dat klopt Heer Jack ik vind de kermis echt geen feest
Er is altijd zoveel hard kabaal
Dan ook nog al die knipperende lichten allemaal
Vroeger, vertelt Omaoma ging Opaopa altijd met Oma mee
Ik bleef dan thuis met een heerlijk kopje thee
Meestal had ik dan iets lekkers voor die twee gebakken
Opaopa had vaak een mooie knuffel voor mij te pakken
Maar u heeft dus nog nooit in een draaimolen gezeten
Een keer, zegt Omaoma en dat zal ik nooit vergeten
Want door al die lichten en die veel te harde muziek
Heer Krekel vult begripvol aan, toen werd uw buik natuurlijk ziek
Als de kermis 's morgens nog niet open is
Dan is er met mijn buik niets mis
Dan ga ik snel poffertjes halen of een suikerspin eten
Maar in de draaimolen gaan dat kan ik wel vergeten
Het spookhuis Heer Jack, lijkt me superleuk
Heerlijk schrikken en daarna lig je met zijn allen in een deuk
Ook het reuzenrad lijkt me giga fijn
Om zo hoog als een vogel in de lucht te zijn
Helaas, zegt Omaoma is de muziek zo luid
Echt alles op de kermis maakt voor mij teveel geluid
Door al die snel flikkerende lampen
Krijg ik erge hoofdpijn en vervelende krampen
Jongens, zegt Omaoma beslist, het is zoals het is
Als ik meega dan gaat het zeker mis
Dus blijf ik lekker thuis met een kopje thee
Breng voor mij maar een mooie knuffel mee
Tevree tevree moppert Broertje Tim
Hoezo tevree want Omaoma kan dus nergens in
Kijk daar, hij wijst met zijn hand het spookhuis aan
Het is toch jammer als je daar niet in kunt gaan
Als je niet in de botsautootjes kunt rijden
Omdat je de lichtjes en de muziek moet mijden
Goedemorgen groet de meneer van het reuzenrad
Waarom zijn jullie al zo vroeg op pad
We waren, zegt Heer Krekel bij Omaoma op de thee
We vroegen haar gaat u dit jaar met ons mee
Omaoma zei helaas weer nee
Nu hebben we allemaal zoals uw ziet
Net als Omaoma een beetje kermisverdriet
Heer Jack legt uit wat Omaoma's probleem met de kermis is
Zozo zegt de reuzenradmeneer dat is niet mis
Kermis is toch een feest waarop iedereen een jaar lang wacht
Aan dit probleem hebben wij van de kermis nog nooit gedacht
Komen jullie morgenvroeg bij mij op de thee
Breng dan natuurlijk ook Omaoma mee
Nu moet ik gaan, want kijk er staat bij mijn rad een lange rij
Maar morgen beloof ik dan wordt Omaoma heel erg blij
De volgende morgen zijn ze naar Omaoma gegaan
Ze belden deze keer netjes bij de voordeur aan
Omaoma, zei Heer Jack wij hebben een telefoontje gehad
We gaan een theetje drinken bij de meneer van het reuzenrad
Hij zei dat hij ook nog een verrassing voor u had
Omaoma zegt de Meneer hier hebt u een kaart
Waar uw route over de kermis duidelijk op staat
U gaat van daar naar daar en u eindigt in het spokenhuis
Overal staat de muziek en zijn de lichtjes uit
Vanaf nu is er ieder jaar een dag zonder lichtjes en muziek
Omaoma roept Heer Krekel dan wordt u nooit meer ziek
En zeker te weten dat dankzij de meneer van het reuzenrad
Omaoma de kermisdag van haar leven heeft gehad
Zelfs Heer Krekel zat opgewekt in het Reuzenrad te zingen
Hoewel hij, zoals we weten, niet houdt van die enge hoge dingen
