Sjampanjuh-Molenspoken

Verhaal 317 Sjampanjuh

Ober Sjaak is op vakantie geweest en heeft als cadeau een fles sjampanjuh meegebracht. Opa noemt het zijn favoriete bubbeltjes water. Oma noemt het een lief maar duur cadeau. Het Klein Gespuis wil ook wel een glaasje, want die bubbels zegt Opa, voelen zo bubbelig in je neus.

Sjampanjuh

Dat denk ik niet, lacht Opa, zoals jullie zeggen lekker puh
Jullie krijgen van mij geen glaasje sjampanjuh
Maar Opa, protesteren ze, wat is er dan mee aan de hand
U noemde dit net uw favoriete bubbeltjes drank

Helaas, zegt Oma jullie mogen nog lang geen alcohol
Want van alcohol worden grote en kleine kinderen dol
Heer Krekel, knipoogt Oma, u zult zeker te weten weten
Dat krekels van alcohol helaas heel erg gaan zweten

Oma, zegt Heer Krekel u bent een deugniet
Want iedereen weet toch krekeltjes die zweten niet
Niemand, lacht hij, heeft als het warm is in de gaten
Dat Krekels niet zweten maar steeds sneller gaan praten

Krekeltje, zegt Heer Jack, sneller praten dan u kan bijna niet
U praat soms nu al de hele dag op maximum speed
Ooit, grapt Heer Jack, dan knalt u door mijn oren
En kan ik uw verhalen helaas niet meer goed horen

Hoe dan ook, zegt Oma, geen sjampanjuh vandaag
Ook niet als iedereen er nog duizend keer om vraagt
Dus ga met zijn allen lekker buitenspelen
Het heeft geen nut om ons nog langer te vervelen

Kom, zegt Broertje Tim, we gaan naar Ober Sjaak
Die bedenkt super oplossingen zelfs in zijn slaap
Nee nee nee jongens van mij krijgen jullie niets
Nee Broertje Tim, zelfs niet als Oma of Opa het niet ziet

Maar Ober Sjaak die bubbeltjes zegt Opa, die kriebelen zo fijn
Ober Sjaak er moet toch een oplossing te bedenken zijn
Natuurlijk jongens kom morgen allemaal maar weer terug
Maar nu een oplossing bedenken, helaas dat gaat niet zo vlug

Ik hoop, zegt Heer Jack dat hij geen nieuw Spaatje rood bedenkt
Of dat hij saaie limonade uit een saaie plastic fles inschenkt
Misschien, fantaseert Heer Krekel bedenkt hij wel iets unieks
Zoiets, mijmert Vrouwe Meisje, wat je nergens anders ziet

Ze hebben niet gezien dat Oma stilletjes is weggeslopen
Ober Sjaak heeft geappt of ze iets voor hem wil kopen
Hij heeft om vier flessen kindersjampanjuh gevraagd
Als het kan Oma, het liefs nog vandaag

De volgende morgen heeft hij vier flessen op de keukentafel gezet
Iedere fles heeft een echte kurk en een prachtig eigen etiket
Ober Sjaak heeft zelf zijn mooiste Franse schort aangedaan
En hij wijst met een serieus gezicht alle flessen aan

Ik presenteer, zegt Ober Sjaak, sjampanjuh Het Klein Gespuis
Uit het overal zeer bekende sjampanjuh huis

Sjampanjuh Krekel smaakt naar koekjes en is lekker zoet
Deze Broertje Tim daarentegen smaakt grassig zoals het moet
Sjampanjuh Jack smaakt naar duizend bubbelende kleuren
De Vrouwe Meisjes lente geuren zullen iedereen op gaan fleuren

Maar jongens, zegt Ober Sjaak deze flessen kun je nergens kopen
En zo'n bijzondere eigen fles maak je nu natuurlijk nu niet open
Nee natuurlijk niet Ober Sjaak knikt Mijnheer Jack
Mijn fles bewaar ik voor later op een super veilige plek

Ober Sjaak schenkt voor iedereen een glaasje met veel bubbels in
Heerlijk grapt Heer Krekel in een spaatje rood had ik erg veel zin
Maar, vinden ze, de bubbels kriebelen wel heerlijk in hun neus
Ober Sjaak, zegt Opa waarderend dit is werkelijk een voortreffelijke keus 

Verhaal 318 Molenspoken

Opa houdt van zelf brood bakken. Het meel gaat hij bij de molen halen. Ze gaan natuurlijk met Opa mee en krijgen zelfs een rondleiding in de molen. Het verhaal over de Molenspoken is dat nou waar of niet waar?

Molenspoken

Jongens, zegt Opa ga jullie jassen pakken
Ik ga vandaag weer zelf broodjes bakken
Eerst moeten we bij de molen meel gaan kopen
De wieken draaien dus de molen die is open
Het regent wel maar kom op we gaan lekker lopen
Jullie, lacht hij, zijn niet van suiker mag ik hopen

Willen jullie de hele molen zien, vraagt de molenaar
Ze roepen met zijn allen, Mevrouw de Molenaar heel graag
Kijk, zegt ze, daar staan de zakken met graan
Die komen van het land van de boer vandaan

Oh nee toch, zucht Heer Krekel is dat Heer de Boer van de dolle stier
Nee, zegt ze, die stier die woont allang niet meer hier
Niet dat ik bang ben, bluft Heer Krekel
Maar die stier, Mevrouw de Molenaar dat is een dolle rekel

Zullen we, zegt de Mevrouw aan de rondleiding beginnen
Kijk hier gooien we de zakken graan naar binnen
Dan gaat het graan naar die twee grote molenstenen
Heer Krekel, roept ze geschrokken, kijk uit voor uw tenen

Heer Krekel heeft zijn voet op de onderste steen gezet
Oef, zucht hij, heb ik eventjes niet goed opgelet
En dan wordt mijn voet bijna tussen twee stenen geplet

Dus, zegt Mijnheer Jack door het malen wordt het meel
Opa, moet je kijken dat is wel heel erg veel
Jullie, zegt Mevrouw de Molenaar pakken daar de zakken
Vandaag mogen jullie zelf het meel in de zakken verpakken

Ze legt uit hoe je de zak onder de trechter houdt
Als je het zorgvuldig doet dan kan het gewoon niet fout
Maar let op de molenspoken liggen op de loer
Kijk uit, waarschuwt ze, mors geen meel op de vloer

Moet je zien, zegt Broertje Tim
Mijn meel gaat zonder morsen de zak in
Bij mij, glundert Vrouwe Meisje, loopt het ook gesmeerd
Ook hier gaat geen gemalen korreltje verkeerd

Nu, roept Heer Krekel, ben ik aan de beurt
Hij kan er niets aan doen maar zijn zak was al gescheurd
Het meel ligt op een hoopje op de houten vloer
Die vervelende zak, moppert hij, draait mij een loer

Dat is een geinig hoopje meel lacht Broertje Tim
Hij springt er met alle twee zijn voeten in
Het meel stuift alle kanten uit
Het meeste valt op Heer Krekels snuit
Binnen één minuut staan er vier onder het meel gestoven spoken
Helaas, zegt Opa, Molenspoken het spelletje is afgelopen

We gaan nu het meel voor de broodjes kopen
En vergeet niet we moeten nog naar huis toe lopen
Ze geven Mevrouw de Molenaar keurig netjes een hand
En ze zeggen Mevrouw heel hartelijk bedankt

Daar loopt Opa met vier molenspoken op de dijk
Het is geen wonder dat iedereen met open monden naar hen kijkt
Want dat je de Molenspoken ziet op klaarlichte dag
Wie had dat ooit gedacht

Opa, vraagt Oma, terwijl ze heel hard lacht
Wat hebt u in hemelsnaam nu weer meegebracht
Deze molenspoken, zegt Opa, zijn de molen zat
Oma stopt u ze eerst maar eens lekker in bad

De volgende dag hebben ze heerlijke broodjes gegeten
Ze hebben Oma uitgebreid verteld wat ze van de molen weten
De Molenspoken heeft niemand in het dorp ooit nog zien lopen
Men vertelt dat ze 's nachts weer naar de zolder van de molen zijn geslopen